Max Crabbendam


Tirtagangga (Amlapura), Bali

Het is nu 1 augustus 2007, 17.05 uur plaatselijke tijd en ben in een totaal andere wereld beland… Het platteland van Oost-Bali in Pandan House. De overgang van Noord-Sumatra naar Bali heeft me echter de tijd gekost die je nodig hebt om een kwart van de aardbol over te vliegen.

Gisteren om 11.30 uur van mijn hotel in Medan vertrokken, wachten op het vliegveld, 13.30 uur met het vliegtuig vertrokken naar Jakarta, in Jakarta alweer (!) i.v.m. vertraging pas om 21.00 uur doorgevlogen naar Bali, waar ik om 23.30 uur plaatselijke tijd landde (Indonesie heeft 3 tijdzones, het is op Bali 1 uur later dan op Sumatra en Java). Op het vliegveld in Jakarta moest ik wel de nodige keren slikken.

Ik werd op het vliegveld van Denpasar (Bali),opgewacht door 2 medewerkers van het Pandan House, waar ik nu verblijf. Na 2 ½ uur rijden waren we eindelijk op plaats van bestemming, en ben ik na het drinken van een welkomstdrankje in mijn bed gekropen; ik was er echt aan toe.

Het Oosten van Bali, waar ik me nu bevind, is een heel andere wereld dan Zuid-Bali waar zich de toeristencentra Kuta en Sanur bevinden. Hier niks geen toeristenkermis; je wordt niet zoals in Kuta voortdurend nageroepen door opdringerige verkopers die iets aan je proberen te slijten. De mensen laten je gewoon in je waarde.

Een wekker heb ik hier niet echt nodig. Gewekt word ik niet door verkeersherrie of iets van dien aard, maar door het gezang van de vogels en het gezang van de mensen die in de wijde omtrek bezig zijn met tempelceremonies, die hier op Bali altijd plaatsvinden.

Het Pandan House, waar ik logeer, is een prachtig verblijf omgeven door landerijen en sawa’s. Deze omgeving lijkt wel een oase waar je echt tot rust komt; het Pandan House is daardoor een oase in een oase. Door mijn tochten in vorige jaren had ik een heel ander beeld van Bali (een Bali waar alles om commercie draait), maar dit is het Bali dat ik echt wil leren kennen. Morgenochtend begin ik met mijn eerste bezigheden als vrijwilliger: werken op de sawah. Voor ’s middags staan er computerlessen en misschien ook wat lessen Engels op het programma.

Vervolg: 3 augustus 07

Vanmorgen was ik rijstboer, vanmiddag ben ik weer (net als gisterenmiddag) leraar 'Word' en een beetje typen aan de computer. Dat kan als je voor zeer korte tijd vrijwilligerswerk doet. Het lesgeven aan die kinderen (ze zijn nog jong, plm.11 jaar, maar lijken veel jonger) is een ontspannende bezigheid voor mij. Ze luisteren goed en je hebt snel resultaat. De lesstof bestaat uit het overtypen van allerlei teksten in het Indonesisch (gelukkig dat ik er zelf het een en ander van begrijp, dat is wel nodig!) in diverse lettertypen. Het tempo is traag maar ze houden vol en vertrouwen op mij als 'guru' (leraar).

Ik word hier in het Pandan House bepaald niet opgejaagd, in tegendeel. Er is alle tijd. Bij aankomst op Bali, toen ik het een en ander vroeg over mijn werkzaamheden was de eerste reactie van Eka, mijn gastheer: rustig aan, morgen eerst uitrusten. Dat werd dus een wandeling door de omgeving en door de sawa's in plaats van hard werken.

Vanmorgen om 9 uur begonnen met werken op de sawah, met een complete boerenfamilie. Ook hier hoef ik niet bang te zijn, oververmoeid te raken. Zodra, na ongeveer 45 minuten een beetje motregen valt, lopen we met de gehele club naar een rieten afdakje verderop in het rijstveld en is er koffie en een gezellige babbel.

Wanneer we een dik uur meer op het land hebben gewerkt is het genoeg geweest: Opnieuw verplaatst het gehele gezelschap zich naar een andere plek in het veld met een klein afdakje, er wordt een grote rieten mat op de grond gelegd, en er is opeens rijst, vlees, groente, kroepoek, fruit en (flessen)water. In kleermakerszit wordt er uitgebreid geluncht. Waar je ook bent in Indonesie, een maaltijd overslaan, daar hebben ze nog nooit van gehoord, ook al ben je midden in het oerwoud, of, zoals vandaag, op het land. Vanmiddag vervolg computerlessen!

Zojuist heb ik mijn ontbijt achter de rug, en geniet van de koele ochtendwind die over de omgeving trekt. Want heet is het allerminst rondom het Pandan House, aangezien deze locatie zich 600 meter boven zeeniveau bevindt. ‘s Avonds is het vaak zo koel, dat een sweater geen overbodige luxe is wanneer je buiten op het terras zit, luisterend naar de koren van kikkers en van tsjilpende krekels dat over de eindeloze sawa’s gonst.

De weg langs de Oostkust van Bali, die naar het uiterste Noorden van het eiland leidt, biedt een minder spectaculair uitzicht: het Oosten van Bali is droog en wordt gekenmerkt door uitgedroogde rivieren en verdorde stukken bos. Mooi is daar wel het uitzicht op de Gunung Agung, de machtigste vulkaan van Bali die bij alle Balinezen veel respect afdwingt, en tevens waakt over de omgeving waar zich ook het Pandan House bevindt.

In het Noorden bezoek ik de stad Singaraja (eens de hoofdstad van Bali, later het centrum van het Ned. Bestuur op Bali) met zijn brede lanen en statige gebouwen. De badplaatsen Lovinabeach en Kalibukbuk, iets meer naar het Westen, liggen er verlaten bij… Ik maak er en fikse wandeling, en zie dat de vakantieresorts nagenoeg leegstaan. Er loopt bijna geen sterveling op straat. Hier en daar een “verdwaalde” toerist; de winkeliers hebben nagenoeg niets te doen…

Ondertussen gaat op het platteland het leven gewoon z’n Balinese gang, zoals het al eeuwen gaat en zoals het waarschijnlijk nog wel eeuwen zal gaan: vrouwen lopen met zware voorraden geoogste groenten op hun hoofd door de akkers, op andere plaatsen vindt de vaak maanden durende voorbereiding van een lijkverbranding plaats, en langs de weg zie je scholieren in schooluniformen marcheren ter voorbereiding van 17 augustus, de onafhankelijkheidsdag van Indonesie.

Ondertussen kan ik een paar punten aan mijn c.v. toevoegen: hulpkok in het Pandan House, en assistent bij het aanleggen van een irrigatiedam in de rijstvelden nabij Pandan House. Mijn opvatting, dat de Indonesische keuken niet gecompliceerd is, is hier duidelijk bevestigd. Met een minimale hoeveelheid aan kruiden maakt men de heerlijkste gerechten. Aan pindasaus komt behalve een klein aantal kruiden en fijngewreven pinda’s slechts een flinke scheut water te pas; geen melk of kokosmelk. Het smaakt er niet minder om!

Nou, dit waren zoal mijn belevenissen van de afgelopen dagen. Voor vandaag staat een ochtendwandeling door de omgeving op het programma, verder deze week nog het assisteren bij de organisatie van een zwemwedstrijd en natuurlijk het werk op het land en met de kinderen (computer- en rekenles).

Maar niets staat hier vast… Ieder plan kan plotseling worden gewijzigd door een ceremonie die onaangekondigd plaatsvindt, door een regenbui of gewoon omdat de kinderen liever wat (computer-)spelletjes doen…

Max Crabbendam
De Geer 1214
6605 HV Wijchen
(024) 641 54 72
maxtoos @ planet.nl